Een duidelijke hoofdreden was er voor Demi niet, maar afgelopen semester heeft zij de minor gebarentaal gevolgd. Een hele andere manier van communiceren, met zijn eigen cultuur, gemeenschap en zelfs dialecten. De basis van gebarentaal heeft ze inmiddels onder de knie, maar makkelijk was dat niet altijd. In dit artikel vertelt Demi over haar ervaring met de minor, de verschillende ervaringen uit de dove community en laat ze weten wat haar eerste gebaar was tijdens de lessen.
‘‘Mijn zus wilde altijd gebarentaal leren, dus dat heeft mij eigenlijk een beetje geïnspireerd,’‘ vertelt Demi. ‘‘Maar het is heel erg moeilijk om te beginnen zonder duidelijk startpunt. Wat fijn was aan de minor was dat er een heel duidelijk startpunt was en ik goed werd begeleid om de basis te leren.’‘ Zo had ze vakken als NTG, waar ze gebarentaal leerde, maar ook grammatica. Ook volgde de CB-student het vak Deaf Studies, waar ze dieper in gingen op de cultuur en de gemeenschap van slechthorende.
Deaf Studies
De Deaf Studies hebben Demi veel geleerd. ‘‘Ik heb bijvoorbeeld geleerd dat gebarentaal pas de afgelopen jaren werd erkent als echte taal,’‘ zegt ze verbaasd. ‘‘Er zijn ook gevallen geweest dat een doof kind wordt geboren in een horend gezin. De ouders wilden dan geen gebarentaal leren, door verschillende redenen. Ze zouden bijvoorbeeld bang zijn dat de spraakontwikkeling zou stoppen, wilde dat hun kinderen ook zouden kunnen integreren in de horende wereld en er hangt een groot stigma rond doofheid. Je realiseert je niet zo snel dat dat soort gevallen er ook bij komen kijken, want het is gewoon een soort buitensluiting.’‘
‘‘Er zit ook veel verschil tussen dove mensen,’‘ gaat de CB’‘er verder. ‘‘We hadden een keer een les waar drie mensen uit de dove gemeenschap kwamen die er allemaal anders mee om gingen. De een vertikte het om te praten, de ander vond het oké om tegen mensen te praten die niet konden gebaren en de laatste praatte eigenlijk alleen.’‘ Het verschil in mensen is daarin erg bijzonder.
Tips en tricks
‘‘Het eerste gebarenwoord dat ik heb geleerd is vinvis,’‘ lacht Demi. ‘‘We zaten in een groepje met allemaal verschillende opleidingen. Dus we hadden zoiets van ‘‘wat wordt ons eerste gebaar?’‘ We kwamen op het woord vinvis. Een woord dat met niemand van ons iets te maken had!’‘ Uit respect voor dove studenten en docenten mocht er tijdens de lessen niet gesproken worden, alleen gebarentaal gebruikt worden. Het was een uitdaging, maar ze heeft er enorm veel van geleerd. ‘‘Je kunt altijd communiceren. Met gebaren kom je echt een heel eind. Als je iemand aan de kassa krijgt die niet dezelfde taal als jij spreekt, kun je gewoon naar elkaar uitbeelden wat er wordt bedoeld!’‘

Niet alleen in spreektaal, maar ook in gebarentaal kan er verwarring ontstaan met dialecten. ‘‘In Groningen heb je bijvoorbeeld een ander soort gebaar dan algemeen Nederlands. Net zoals dat ze daar dus een dialect hebben en je elkaar soms niet goed kan verstaan, heb je dat ook met gebaren. Daar tellen ze bijvoorbeeld op een andere manier, wat soms wel even schakelen was.’‘ Toch raadt Demi iedereen aan om gebarentaal te leren. ‘‘Je moet gewoon beginnen. Er is een woordenboek voor gebarentaal en begin daar gewoon met de meest basic woorden. Maandag, dinsdag. Je kan kijken naar het NOS-jeugdjournaal, maar Nijntje heeft ook afleveringen waar er met gebarentaal wordt vertolkt.’ ‘Het allerbelangrijkste wat ze mensen wil meegeven is: “gewoon doen!”



